- ISDE
- Investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing: Nederlandse regeling van RVO voor o.a. warmtepompen, isolatie en zonneboilers. Aanvraag na installatie via mijn.rvo.nl.
- Salderen (salderingsregeling)
- Regeling waarbij teruggeleverde stroom van zonnepanelen volledig mag worden verrekend met afgenomen stroom. Stopt per 1 januari 2027 in één keer (Wet beëindiging salderingsregeling). Vanaf 2027 geldt tot 2030 een wettelijk minimum terugleververgoeding van 50% van het kale leveringstarief, indicatief €0,04–€0,06 per kWh netto. Zelfconsumptie en opslag worden daardoor belangrijker.
- Zelfconsumptie
- Het percentage of volume zonne-energie dat je direct in huis gebruikt in plaats van terug te leveren aan het net. Hogere zelfconsumptie verkleint de impact van een lagere terugleververgoeding.
- Terugleververgoeding
- Vergoeding per kWh die je energieleverancier betaalt voor stroom die je aan het net teruglevert. Huidige marktspreiding (2026): rond €0 tot €0,15 per kWh, afhankelijk van leverancier. Vanaf 1 januari 2027 (einde salderingsregeling) geldt tot 2030 een wettelijk minimum van 50% van het kale leveringstarief — indicatief €0,04–€0,06 per kWh netto. Dat ligt doorgaans lager dan de all-in inkoopprijs van stroom (€0,24–€0,32/kWh in 2026).
- Hybride warmtepomp
- Warmtepomp die samenwerkt met een bestaande cv-ketel: bij kou springt de ketel bij. Vaak lagere investering dan volledig elektrisch; geschikt voor matig geïsoleerde woningen.
- All-electric warmtepomp
- Warmtepomp die de gasketel volledig vervangt. Vereist meestal goede isolatie en lage-temperatuur afgifte; huis wordt aardgasvrij voor verwarming.
- Rc-waarde
- Thermische weerstand van een constructie (m²·K/W); hogere Rc betekent betere isolatie. Bij ISDE-isolatie zijn minimale Rc-eisen en meetmethoden van belang voor subsidie.
- Wp (wattpiek)
- Nominaal vermogen van een zonnepaneel onder standaard testomstandigheden. Het werkelijke jaarrendement in kWh hangt af van oriëntatie, schaduw en weer.
- Brandstoftransitieverplichting (BTV)
- Nederlandse wettelijke verplichting (per 1 januari 2026) voor brandstofleveranciers om een oplopend deel van hun verkopen te verduurzamen, via de aankoop van ERE-emissiereductie-eenheden. Nationale uitvoering van RED III (EU). Opvolger van het HBE-systeem. Particulieren kunnen meedelen door via een inboekdienstverlener thuis geladen kWh te laten registreren.
- ERE (Emissiereductie-eenheid)
- Meeteenheid onder de Brandstoftransitieverplichting: één ERE staat voor 1 kg CO₂-eq vermindering. Vervangt per 2026 de eerdere HBE (Hernieuwbare Brandstofeenheid) — elke HBE wordt omgezet in 46 ERE. ERE-eenheden worden via een inboekdienstverlener op de markt verhandeld; particuliere laadpaal-eigenaren ontvangen daar een vergoeding voor.
- ERE-vergoeding (thuislaadpaal)
- Marktvergoeding voor particulieren met een thuislaadpaal onder de Brandstoftransitieverplichting — géén ISDE-subsidie. Richtlijn circa €0,10 per kWh (VER / ANWB), indicatief €300–€500/jaar voor gemiddeld gebruik. NEa rekent voor particulieren een vast hernieuwbaar aandeel van 50,5% (2026); bij bewezen 100% groene stroom tellen alle geladen kWh mee. Registreer vóór mei 2026 voor terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2026.
- MID-geijkte meter
- Elektriciteitsmeter in een laadpaal die voldoet aan de Europese Measuring Instruments Directive (MID). Nauwkeurigheid is voorwaarde voor de ERE-vergoeding: zonder MID-meter kan een inboekdienstverlener de geladen kWh niet betrouwbaar laten meetellen. Let op: vanaf 1 januari 2027 moet de MID-meter in de laadpaal zelf zitten — constructies met een MID-meter buiten de laadpaal worden vanaf dan niet meer geregistreerd.
- Inboekdienstverlener
- Erkende tussenpersoon die voldoet aan de drempelcriteria van de Nederlandse Emissieautoriteit (NEa: minimaal 2 miljoen kWh of 200 machtigingen) en namens particulieren de thuis geladen kWh registreert. De dienstverlener verkoopt de bijbehorende ERE-emissiereductie-eenheden op de markt en keert jou een vergoeding uit. Sommige energieleveranciers bieden het zelf aan.
- Thuisbatterij
- Oplaadbaar energieopslagsysteem voor in of bij een woning. Slaat stroom op van zonnepanelen of het net en geeft die later af voor eigen verbruik. Gangbare capaciteit voor huishoudens: 3–15 kWh. Levensduur: typisch 10–15 jaar.
- Stekkerbatterij
- Plug-and-play thuisbatterij die je in een geaard stopcontact steekt zonder vaste installatie. Maximaal 800 W uitgangsvermogen volgens NEN1010. Terugleveren naar het net is wettelijk niet toegestaan zonder vaste netinjectie-melding.
- kWh (kilowattuur)
- Eenheid van energie. 1 kWh = vermogen van 1 kilowatt gedurende 1 uur. Gemiddeld Nederlands huishouden gebruikt 2.500–3.500 kWh elektriciteit per jaar; PV-installatie van 10 panelen levert ca. 3.500 kWh/jaar.
- LFP (LiFePO4)
- Lithium-IJzer-Fosfaat: chemie voor batterijcellen die in 2026 de standaard is voor thuisbatterijen. Veiliger en lagere brandrisico dan NMC, langere cyclusduur (typisch 6.000 cycli tot 70% restcapaciteit), geen kobalt nodig.
- NMC (Nikkel-Mangaan-Kobalt)
- Alternatieve batterij-chemie met hogere energiedichtheid dan LFP maar hoger thermisch risico. Voor thuisbatterijen in NL minder gebruikelijk in 2026; vaker in elektrische auto’s en draagbare powerstations.
- BMS (Battery Management System)
- Elektronica in een batterij die laden, ontladen, temperatuur, balans tussen cellen en veiligheid bewaakt. Cruciaal voor levensduur en brandveiligheid; vereist bij CE-keurmerk en NEN/IEC 62619.
- AC-gekoppelde thuisbatterij
- Batterij die via een eigen interne omvormer op de wisselstroom-zijde van de huisinstallatie wordt aangesloten. Omvormer-agnostisch (werkt met elke PV-omvormer) — gemakkelijker achteraf toe te voegen. Conversieverlies typisch 10–15% per cyclus.
- DC-gekoppelde thuisbatterij
- Batterij die rechtstreeks aan de gelijkstroom-zijde van een hybride PV-omvormer hangt. Hoogste efficiëntie (~5–8% verlies), minder conversiestappen, maar vereist compatibele omvormer.
- Hybride omvormer
- Omvormer die zowel de PV-installatie als de thuisbatterij in één apparaat aanstuurt. Geschikt voor nieuwbouw of volledige vernieuwing. Voordelen: hogere efficiëntie en minder componenten. Nadeel: bij defect is er één single point of failure.
- Zelfconsumptie-percentage
- Aandeel van je zelf opgewekte zonnestroom dat je direct in huis gebruikt (zonder eerst terug te leveren). Zonder batterij typisch 30%; met een passende thuisbatterij richting 70–80%.
- EPEX-spot
- Day-ahead elektriciteitsmarkt waar uurtarieven voor de volgende dag worden vastgesteld. Dynamische energiecontracten (Tibber, Frank Energie, ANWB, Greenchoice Dynamic) volgen deze prijs. Thuisbatterijen kunnen rendement halen door te laden in lage-prijs-uren en te ontladen in piekuren.
- Onbalansmarkt
- Spotmarkt voor real-time vraag/aanbod-correcties op het Nederlandse elektriciteitsnet (gefacieerd door TenneT). Geavanceerde thuisbatterijen of energy-management systemen kunnen extra inkomsten verdienen door deelname; voor particulieren meestal via een aggregator of energieleverancier.
- V2H / V2G (Vehicle-to-Home / Vehicle-to-Grid)
- Concept waarbij een elektrische auto fungeert als reservoir van energie voor het huis (V2H) of het net (V2G). Vereist een geschikte laadpaal en EV. In Nederland 2026 nog beperkt beschikbaar; relevant voor toekomstige integratie met thuisbatterijen.
- NEN 1010
- Nederlandse norm voor elektrische laagspanningsinstallaties. Bepaalt onder andere de eisen voor groep, bedrading, stopcontacten en aansluitvoorwaarden van energieopslag. Een stekkerbatterij ≤800 W is toegestaan onder NEN1010; vaste thuisbatterijen vereisen installatie door erkende monteur met netbeheerder-melding.
- NTA 8800
- Nederlandse technische afspraak voor de energieprestatie van gebouwen (sinds 2021 vervanger van EPC). Wordt gebruikt voor energielabels en ISDE-toetsing op woningniveau. Niet direct van toepassing op losse thuisbatterijen, wel op gehele woninginstallaties.
- NEN/IEC 62619
- Internationale veiligheidsnorm voor secundaire lithium-cellen in stationaire toepassingen — inclusief thuisbatterijen. Verplicht voor CE-keurmerk binnen de EU. Stelt eisen aan elektrische, thermische en mechanische veiligheid.